Transfer pricing en documentatieverplichtingen: hoe zit het ook al weer?

Actualiteit | 7 april 2017

Voor de winstberekening in vennootschapsbelasting (VPB) is vereist dat partijen met elkaar handelen op zakelijke grondslag. Als onafhankelijke partijen met elkaar handelen, komt door de marktwerking automatisch een zakelijke prijs met zakelijke voorwaarden tot stand. Maar wanneer internationaal verbonden partijen met elkaar handelen, kunnen transactieprijzen zodanig worden vastgesteld, dat winsten terecht komen in het land waar de belastingdruk het laagst is en kosten in het land met het hoogste tarief. Er wordt dan niet zakelijk (‘at arm’s length’) gehandeld en er zal voor de VPB een correctie moeten plaatsvinden.

Volgens de wet VPB geldt voor alle belastingplichtigen een documentatieverplichting. Die houdt dat met elkaar handelende verbonden ondernemingen in hun administratie gegevens opnemen waaruit blijkt op welke wijze de verrekenprijzen tot stand zijn gekomen (‘transfer pricing‘) en dat er met betrekking tot die verrekenprijzen sprake is van voorwaarden die in het economische verkeer door onafhankelijke partijen zouden zijn overeengekomen. De bewijslast dat sprake is van niet-zakelijke voorwaarden berust bij de Belastingdienst, maar als men niet aan de documentatieverplichting voldoet, keert die bewijslast om.

Vanaf 1 januari 2016 gelden aanvullende documentatieverplichtingen m.b.t. verrekenprijzen die zien op het landenrapport, groepsdossier en lokaal dossier. Voor grote ondernemingen is vanaf belastingjaar 2016 het “Country by Country reporting” verplicht gesteld. Het gaat dan om Nederlandse bedrijven die onderdeel zijn van een groep met een groepsomzet van meer dan € 750 miljoen. Hierbij dient vóór 1 september 2017 een melding bij de Nederlandse fiscus gedaan te zijn. Dit betekent dat er voor die tijd door de Nederlandse groepsvennootschap al actie dient te zijn ondernomen. Er dient hierbij een on-line lijst met vragen te worden ingevuld.

Daarnaast is er voor groepen met een omzet van meer dan € 50 miljoen vanaf belastingjaar 2016 nog de verplichting tot het aanleggen van een lokaal dossier (local file). Hiervoor geldt de verplichting om uiterlijk op het moment van indienen van de aangifte de gerelateerde documentatie gereed te hebben. Er is voor hen geen actieve notificatie vereist en zij hebben dus wat meer tijd om aan deze verplichting te voldoen.

Veel internationaal opererende ondernemingen willen vooraf al zekerheid hebben over de fiscale gevolgen van hun handelen Nederland. Daarvoor kunnen afspraken gemaakt worden met de Belastingdienst (rulings). Dat gebeurt gemiddeld ongeveer 600 keer per jaar. Een ruling geeft vooraf zekerheid over de vaststelling van een zakelijke beloning of een methode voor de vaststelling daarvan, voor grensoverschrijdende transacties. Dit gebeurt op basis van zogenoemde transfer pricing richtlijnen die zijn vastgesteld door de OESO. Ook hierbij is een goede documentatie onontbeerlijk.

Belang voor de praktijk
Om niet achteraf met correcties en omkering van de bewijslast te maken te krijgen, is het van belang dat bedrijven tijdig aan hun documentatieverplichtingen voldoen. Wij kunnen helpen zowel met de documentatie als met het aanvragen van een ruling bij de Belastingdienst.

Auteur

Sandra Lindeman

Transfer pricing en documentatieverplichtingen: hoe zit het ook al weer?

Actualiteiten

Blijf op de hoogte van de laatste nieuwtjes en alerts
Gegevens ophalen

IT-Audit
Audit
Robert Johan
rjohan@horlings.nl
+31 (0)20 5700 200

 
Neem contact op