Met afschaffing VAR ook fictieve dienstbetrekking voor commissarissen afgeschaft!

Actualiteit | 17 maart 2016

– Taxnews 1609 –

Op dinsdag 2 februari 2016 is door de Eerste Kamer het wetsvoorstel Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties (Wet DBA) aangenomen. De Wet DBA zal de huidige Verklaring arbeidsrelatie (VAR) vervangen per 1 mei 2016. Dat deze wet grote impact heeft op ZZP-ers en hun opdrachtgevers is bekend. Maar ook voor commissarissen en toezichthouders in de (semi-) publieke sector heeft deze wijziging ingrijpende gevolgen.

Commissarissen zijn op grond van de Wet op de Loonbelasting 1964 in fictieve dienstbetrekking bij het lichaam waar zij toezicht op houden. Maar deze fictieve dienstbetrekking is niet aan de orde als de commissaris over een geldige VAR (VAR-winst / VAR-DGA) beschikt. In dat geval hoeft het lichaam geen loonheffing op de beloning van de commissaris in te houden en is geen werkgeversbijdrage Zorgverzekeringswet (Zvw) verschuldigd. De fictieve dienstbetrekking geldt niet voor de premies werknemersverzekeringen.

Door het vervallen van de VAR zouden lichamen vanaf 1 mei 2016 voortaan altijd loonheffingen moeten inhouden en afdragen op de commissarisbeloning. De staatssecretaris heeft echter op 26 januari 2016 toegezegd dat via een beleidsbesluit (en later door een aanpassing in de wet) de fictieve dienstbetrekking van de commissaris komt te vervallen. Hierdoor zal de beloning van de commissaris/toezichthouder vanaf 1 mei 2016 als hoofdregel niet meer in de loonheffing worden betrokken!

De commissarisbeloning kan vanaf dat moment alleen nog worden belast met inkomstenbelasting als winst uit onderneming of als resultaat uit een werkzaamheid. De bijdrageplicht voor de Zvw verschuift van de partij waarmee de commissaris de fictieve dienstbetrekking heeft naar de commissaris. De commissaris is dan zelf de eigen bijdrage Zvw van 5.5% verschuldigd over zijn beloning en de instelling hoeft geen loonheffing meer in te houden en af te dragen. Dit betekent een administratieve vereenvoudiging voor de betalende instelling. Indien dit echter ongewenst is, kan een zogenoemd opting-in verzoek gedaan worden bij de Belastingdienst, waardoor de commissaris vrijwillig kiest voor het werknemerschap voor toepassing van de Wet op de Loonbelasting. Opting-in is echter niet mogelijk als de inkomsten van de commissaris kwalificeren als belastbare winst uit onderneming voor de inkomstenbelasting.

De afschaffing van de fictieve dienstbetrekking voor de commissaris kan ook gevolgen hebben voor de (uit het buitenland afkomstige) commissarissen die gebruik maken van de zogenoemde 30% regeling. Met deze regeling is het mogelijk om maximaal 30% van de vergoeding aan de commissaris onbelast uit te betalen. Daardoor wordt over slechts 70% van de beloning belasting geheven in Nederland. Maar omdat voor toepassing van de 30% regeling sprake dient te zijn van een (fictieve) dienstbetrekking, moet in dat geval een opting-in verzoek ingediend worden bij de Belastingdienst.

Belang voor de praktijk

De afschaffing van de VAR en daarmee ook de fictieve dienstbetrekking, heeft gevolgen voor commissarissen en voor toezichthouders in de (semi-) publieke sector, zoals toezichthouders van onderwijs- en zorginstellingen. Voor de betalende instellingen zelf zal sprake zijn van een vereenvoudiging omdat geen loonheffing meer van toepassing is.

Het nog te publiceren beleidsbesluit van de staatssecretaris van Financiën zal echter met name nog meer duidelijkheid moeten geven over de gevolgen voor niet in Nederland woonachtige commissarissen. Wilt u meer weten wat voor u de gevolgen zijn van de afschaffing van de fictieve dienstbetrekking? Onze adviseurs helpen u graag.

 

Auteur

Sandra Lindeman

Met afschaffing VAR ook fictieve dienstbetrekking voor commissarissen afgeschaft!

Actualiteiten

Blijf op de hoogte van de laatste nieuwtjes en alerts
Gegevens ophalen

IT-Audit
Audit
Robert Johan
rjohan@horlings.nl
+31 (0)20 5700 200

 
Neem contact op